Psalm 121

1.
Wonnear de boargen hooge zeent
en t hatte bange wort:
minn Helper is minn God,
Den alns emaakt hef wat besteet.
Dan kiek ik op en hooge
sloa ik op Um et ooge.
2.
Hee dut oew’ veute vaste stoan.
De God Den t met oe geet,
Hee slùp en dommelt neet.
Israëls God zal met Oe goan.
Hee woart oe vuur de slaage,
Hee dreg oe alle daage.
3.
Hee is de skaa op oewe weg.
Hee zal, met oe op n trad,
aajt ach geewn op oew pad.
Hee is de God Den an oe dech.
Hee dut de zunne meendern,
ginn moane zal oe heendern.
4.
De God van Israël, Hee zal
oawer oew’ zeele waakn;
et kwoad zal oe neet raakn.
De HEARE Zelf is oaweral;
biej goan en komn, de HEARE,
is eeweg oe geneareg.

Luisterversie

Toelichting

Deze psalm heeft een aantal jaren op de nominatie gestaan om geplaatst te worden, maar iets weerhield me ervan; alsof ik niet helemaal tevreden ermee was zonder de vinger er achter te kunnen krijgen waarom precies. Het is een psalm uit de beginperiode, aanvankelijk compact en soms ook met weglating van details. Zoals “dag’ en “nacht”. Hoewel zon en maan suggereren dat er sprake is van dag en nacht… Misschien is het dát wat me steekt: álles hoort erin te staan…

Het is me ook niet gelukt de “rechterhaane” (rechterhand)  erin te krijgen. Het is een schrale troost dat ook Totius (Du Toit) hier berijmt “… Die Heer is (…) jou skadu en Ontfermer… De rechterhand was erg moeilijk inpasbaar. En wat rijmt er op Haane? Taane en skaande. Het lukte me ook niet de rechterhaane ergens midden in een regel, of vooraan, te plaatsen. Tenzij je geforceerd wilt berijmen, of het ritme tegendraads wilt doorkruisen. Soms moet je gewoon accepteren dat het nu niet wil lukken, dat je aan alle kanten tegen grenzen aan loopt.

Aanvankelijk had ik 3 coupletten, maar na veel “geknooj” heb ik van het middelste couplet er toch maar twee gemaakt, met enige “dichterlijke uitbreidingen”.

Couplet 1: de bergen…
Het eerste vers wordt door de (H)SV als volgt weergegeven: “Ik sla mijn ogen op naar de bergen vanwaar mijn hulp komen zal”. Bij verschillende andere vertalingen lees je: “Ik sla mijn ogen op naar de bergen. Vanwaar zal mijn hulp komen?” In de berijming koos ik voor de tweede optie. Ook hier geldt dat de verschillen in vertaling elkaar niet bijten.
       
.