Luisterversie
Toelichting
Het bijschrift boven deze psalm vermeldt: Een psalm van David; toen hij zijn gezicht had vertrokken bij Abimelech, die hem verdreef, zodat hij ervandoor ging ( 1 Samuël 21:13 enz.).
De naam Abimelech roept vragen op; het betrof nl. Achis, de koning van Gath. Naar hem was David toe gevlucht aangezien Saul hem achtervolgde. Hij werd echter herkend als degene die Goliath de reus had gedood, werd gegrepen en gedroeg zich vervolgens als een waanzinnige, waarop men hem liet gaan…
Het is verleidelijk om vanuit een riante positie met de vinger te zwaaien… Hoe kon David dit doen! Hij had op zijn God moeten vertrouwen, in plaats van op eigen houtje door middel van een verfoeilijke krijgslist de dans proberen te ontspringen. Merkwaardig genoeg lees je in de geschiedenis zelf, maar ook in deze psalm, niets van zelfverwijt of berouw over deze daad. Geen woord. Ergens las ik in een commentaar dat de ruwe werkelijkheid van het bestaan ons kan brengen tot daden die mogelijk niet correct zijn, maar ook niet ontweken kunnen worden, vooral wanneer je in een “split – second” beslissingen moet nemen. Het doet me denken aan een uitspraak van een militair die gevochten had in meerdere oorlogen: “Vaak is het niet de keuze tussen goed en kwaad die je moet maken; maar al te vaak is het een keuze maken tussen wat kwaad is en wat nog kwader is…” Wie nog nooit een dergelijke situatie meegemaakt heeft kan dus maar beter zwijgen. In ieder geval geeft zo’n psalm weer stof tot nadenken. Onze zeer correcte gereformeerde denkwijzen worden meer dan eens bars doorbroken en dat is juist de weldadige spanning van de psalmen…
Couplet 4 “…umzeuns…”
“…jonge leewn, umzeuns op jach…” betekent: … jonge leeuwen, tevergeefs op jacht…” Ik heb hier twee vertaalmogelijkheden samengevoegd: de jonge leeuwen (zie o.a. de (H)SV) worden in andere vertalingen ook wel aangeduid als rijken (de riekdom) die zullen verkommeren, zoals jonge (verscheurende) leeuwen die op jacht gaan, maar geen buit vinden.
Couplet 5: “…dan mu-j met leegn en racheln bràkn…” “…Dan moet je met liegen en kwaadspreken breken…”
Couplet 8: “…butte…” moet hier gelezen worden als: beenderen (Hun beenderen zijn geteld).